Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Mediawetenschapper Tommy Tse is een van de drie UvA-onderzoekers die een Consolidator Grant van de European Research Council heeft ontvangen. Met de twee miljoen euro aan subsidie gaat hij een ambitieus onderzoek uitvoeren naar iets waar iedereen in de samenleving dagelijks mee te maken heeft: kleding. Hierbij richt hij zich op China en Afrika, twee gebieden die in eerder onderzoek naar de kledingindustrie nog weinig aandacht hebben gehad.

Het onderzoek richt zich niet op high fashion, maar op simpele, alledaagse kleding die de meerderheid van de samenleving draagt. ‘De invloed van mode op het alledaagse leven is al vaak onderzocht’, vertelt Tse. ‘Maar hierbij wordt altijd de westerse samenleving als casus genomen.’ De mediawetenschapper wil dit patroon doorbreken en gaat de relatie tussen de productie van kleding in China en de consumptie in Afrika bekijken.

Voor het Afrikaanse gedeelte heeft hij de twee Oost-Afrikaanse landen Kenia en Mozambique gekozen. ‘Nairobi in Kenia wordt gezien als de modehoofdstad van Afrika. Kenia is economisch dan ook een welvarender land dan Mozambique. Daarnaast hebben de twee landen een andere koloniale geschiedenis; Kenia met Engeland, Mozambique met Portugal.’ De onderzoeker verwacht door deze verschillen een interessante vergelijking tussen de twee landen te kunnen maken.

Het leven van een kledingstuk

Tse is momenteel bezig met het samenstellen van zijn team; begin 2023 hoopt hij te kunnen starten. Met vier andere onderzoekers gaat hij het leven van een kledingstuk van de productie in China tot en met de consumptie in Afrika volgen. Ze beginnen in China, waar ze zelf in een kledingfabriek gaan werken en observeren hoe Chinese producenten met Afrikaanse inkopers communiceren.

In het tweede onderdeel van het onderzoek gaan de onderzoekers op de markt werken: eerst in China, vervolgens in Afrika. ‘Hier kun je duidelijk observeren hoe de twee culturen samenkomen’, vertelt Tse. ‘Je ziet veel van de Chinese cultuur terugkomen, zoals draken, feniksen en yin en yang-symbolen, maar ook een duidelijke vertaalslag naar Afrikaanse wensen.’

De kast in

Het meest fascinerende gedeelte van het onderzoek komt voor Tse aan het einde: de praktijk van de  Afrikaanse consumptie. ‘We gaan focusgroepinterviews doen en hieruit een selectie maken van zo’n 40 proefpersonen’, vertelt hij. Met deze mensen gaan de onderzoekers mee naar huis om hun kasten in te duiken. Hoe kiezen zij hun kleding uit, welke betekenis verbinden ze hieraan?

Hij heeft al ervaring met deze onderzoekspraktijk doordat hij deze in eerder onderzoek ook heeft toegepast. ‘Op deze manier krijg je een inkijkje in het leven en de cultuur van de eigenaar van de kleding. Sommige mensen bewaren bepaalde kledingstukken al tien jaar of nog langer. Vaak zit er aan die stukken een emotioneel verhaal vast, bijvoorbeeld omdat het van een familielid was.’

‘Een kijkje in de kast van mensen zegt uiteindelijk een stuk meer dan alleen een interview. Dit heb ik duidelijk gezien in mijn eerdere ervaringen’, vertelt de onderzoeker. ‘Zo interviewde ik iemand die had gezegd dat hij ontzettend zuinig is in het kopen van kleding, maar in zijn overvolle kast hingen wel tien bijna precies dezelfde witte shirts!’

Het beste van twee werelden

Tse heeft naast zijn onderzoek als mediawetenschapper ook veel ervaring in de sociologie. 'In de sociale wetenschappen is het meestal zo dat je als onderzoeker een theorie hebt, het uitvoert en daarmee bewijst of het wel of niet waar bleek te zijn', vertelt hij. 'In de geesteswetenschappen is er veel meer ruimte voor onderzoek waarbij je in eerste instantie observeert wat je ziet en de theorieën daaruit laat ontstaan. Als interdisciplinair onderzoeker probeer ik het beste uit beide werelden toe te passen in mijn onderzoek.'

De toekenning van de Consolidator Grant betekent heel veel voor Tse. 'Extra veel, omdat ik van oorsprong een onderzoeker uit Hong Kong ben en ongeveer een jaar geleden naar Amsterdam verhuisd ben. Als je hier hard werkt en je onderzoek goed weet uit te leggen, krijg je kansen, ook als je bijvoorbeeld nog niet zo ervaren bent. Binnen de academische cultuur in mijn thuisland was dat heel anders.’

De mediawetenschapper ziet de toekenning ook als een overwinning voor de geesteswetenschappen. ‘Voor zover ik weet is het de eerste keer dat een onderzoek naar mode zo'n grote beurs toegekend heeft gekregen.’ De invloed van zo’n prestatie werd voor Tse meteen duidelijk door de reactie van de promovendus die hij begeleidt. ‘Zij heeft hierdoor veel meer vertrouwen gekregen in de toekomst van onderzoek naar mode’, zegt hij. ‘Inspirerend!’

Dr. H.L.T. (Tommy) Tse

Faculteit der Geesteswetenschappen

Departement Mediastudies

Geïnteresseerd in mode? De Faculteit der Geesteswetenschappen biedt een minor Modestudies van 30EC aan. Je kunt de minor volgen als tweede specialisatie tijdens de bachelor, of als voorbereiding op een master. De aanmelding voor de minor gaat op 12 mei van start.