Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Aan de UvA zijn meerdere initiatieven op het gebied van AI zowel in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie zelf, als in het geesteswetenschappelijke en sociaalwetenschappelijke onderzoek rond AI.

In een recent opiniestuk in Het Parool wordt in dit verband niet alleen het Dreamslab van VU en UvA genoemd – een samenwerking met Huawei Finland – maar ook de Research Priority Area van de UvA Human(e) AI. Wij hechten er waarde aan te benadrukken dat de onderzoekers van RPA Human(e) AI geen banden hebben met het door Huawei Finland gefinancierde lab. Ze werken niet met Huawei samen, ontvangen geen geld en zijn niet betrokken geweest bij de totstandkoming of uitvoering van die samenwerking.

De RPA Human(e) AI stimuleert en verbindt onderzoek naar de juridische, ethische en maatschappelijke gevolgen van AI. Hoe kunnen we de ontwikkeling van AI stimuleren, waarbij oog is voor culturele en socio-economische gelijkheid en fundamentele burgerrechten?

De samenwerking van de VU en UvA met Huawei Finland focust op zoektechnologie in Europese talen. Het onderzoek heeft wetenschappelijke meerwaarde en wordt het volgens de normen van de Nederlandse Gedragscode Wetenschappelijke integriteit volledig open gedeeld, zoals dat bij al het onderzoek aan de UvA het geval is. In het contract zijn dergelijke zaken om de academische vrijheid en integriteit te waarborgen vastgelegd. Bovendien is het tot stand gekomen na consultatie van de relevante Rijksoverheidsdiensten.

We begrijpen dat een dergelijke samenwerking met een bedrijf waarvan het moederbedrijf opereert in een onvrij land veel vragen oproept. Dit speelt ook breder. Onderzoek rond AI bevindt zich in een stroomversnelling, heeft betrekking op de problematiek van big-tech bedrijven en ook van geopolitieke ontwikkelingen.

Keuzes zoals deze rond de samenwerking met Huawei Finland in het Dreamslab zijn geen eenvoudige zwart-of-wit keuzes. Academische vrijheid en het belang van openheid voor samenwerking met onderzoekers ongeacht hun nationaliteit moeten worden gewogen tegen belangen van bedrijven en overheden, geopolitieke en maatschappelijke overwegingen. In het zoeken van antwoorden is de UvA overigens niet de enige actor; het vraagstuk is onderdeel van nationale en Europese wetgeving en discussie.

Ook de UvA is uiteraard verontwaardigd over de berichten over etnisch profileren door Huawei. Het moet duidelijk zijn dat alle vormen van etnisch profileren vormen en toepassingen van etnisch profileren volstrekt ontoelaatbaar zijn. De op Europese talen gerichte zoektechnologie waar onze wetenschappers in het Dreamslab aan werken kan niet voor dit soort doeleinden gebruikt worden. Het is begrijpelijk en terecht dat deze berichten, overigens nadat de samenwerking was aangegaan, tot discussie leiden. We zullen in de toekomst nog meer overwegingen delen wanneer samenwerking wordt aangegaan, en soms ervoor kiezen om een samenwerking niet aan te gaan.

De UvA werkt continu aan verbeteringen van besluitvormingstrajecten en checks and balances in onderzoek en onderzoekssamenwerkingen. Zo wordt onderzoek onderworpen aan ethische en juridische toetsing, zijn er (landelijk afgestemde) protocollen en richtlijnen voor het omgaan met intellectueel eigendom. We hebben als Nederlandse universiteiten de Rijksoverheid gevraagd te bezien hoe zij helderdere kaders kan verschaffen voor de samenwerking met partijen die gelieerd zijn aan onvrije landen. En we werken aan afwegingskaders om onze wetenschappers zoveel mogelijk te helpen om te gaan met de geschetste dilemma’s bij nieuwe samenwerkingsinitiatieven.